2008-06-23

Zee

.
In de lijn van het voorgaande misschien: drie pogingen om het eeuwig bewegelijke mysterie van de zee te vatten. Het wisselende palet van zonsondergang aan een bewolkte hemel, het wat dreigende spel van de opkomende vloed onder de pier. De wind schilderde driftig mee. Tijdens het fotograferen viel de snelheid van het gebeuren me op. Er is uiteindelijk weinig tijd om een bepaalde combinatie van water en licht vast te leggen. Panta rei.




(Blankenberge, zaterdagavond 14 juni 2008)

2008-06-22

Call me Ishmael

.

Moby Dick lezen stond al een hele tijd op mijn "things to do before…"-lijstje. Wat uiteindelijk de doorslag gegeven heeft om eraan te beginnen weet ik al niet meer. Eigenlijk was het mijn bedoeling om Moby-Dick (met koppelteken) meteen in het Engels te lezen, maar daar ben ik van teruggekeerd. Binnen de kortste keren zat ik jammerlijk verward in een kluwen van maritieme tuigage. Te moeizame lectuur zou bovendien het jachtige tempo teniet doen dat onmiskenbaar in deze zwerftocht aanwezig is. Herman Melville schreef zijn meesterwerk tenslotte in anderhalf jaar tijd.

Zo kwam ik terecht bij de schitterende vertaling die Barber van de Pol onlangs maakte voor Athenaeum. Moby Dick blijkt in het Nederlands een waar genot. Het blijft me een raadsel wat ik me moet voorstellen als de Pequod 'met de ra's vierkant gebrast' op de sloepen afzeilt, wat bovenbramzeilen zijn* en uit hoeveel talies een klaploper bestaat, maar de sfeer zit er dan toch in.

Over het boek zelf wil ik kort zijn: lees het mooie nawoord dat de vertaalster aan haar werk toevoegt. Ze raakt het boek in de essentie, voor zover ik dat kan nagaan. Mij persoonlijk is het volgende bijgebleven.


1

Laat me beginnen met een misverstand. Net zoals de idee bestaat dat de Odysseia van Homerus het verhaal is van de eindeloze zwerftochten en avonturen van Odysseus, terwijl dat verhaal in werkelijkheid niet meer dan een derde van de Odysseia uitmaakt - vooral verfilmingen bezondigen zich aan dit idee - zo denken velen dat Moby Dick van Melville het verhaal is van de obsessieve jacht van de bezeten kapitein Ahab op een witte potvis. Helaas, zij dwalen. Deze verhaallijn, van de profetie in Nantucket (hoofdstuk 17) over het eedverbond van de bemanning (hoofdstuk 36) naar de driedaagse jachtpartij die naar de ondergang voert in de laatste hoofdstukken, is eigenlijk vrij zwak en neemt maar enkele van de 135 hoofdstukken in beslag. Moby Dick is een bizar, kleurrijk boek over walvissen en mensen, zee en wereld, kosmos en beschaving. Heel wat hoofdstukken lijken op een soort vroege ‘jongens en wetenschap’, verrassend veel bladzijden zijn louter beschouwend. Dit was niet het spannende avonturenverhaal dat ik verwachtte toen ik eraan begon.


2

Moby Dick is een ruig boek dat zich niet aan de regels houdt - net zoals de personages die het beschrijft. Het gedraagt zich, met zijn vele beschouwende passages en zijn toneelmatige dialogen die de vertelling onderbreken, nauwelijks nog als een klassieke negentiende-eeuwse roman. Het vertellerstandpunt is ronduit bedenkelijk. Verteller Ismaël valt regelmatig uit zijn rol en wordt een alwetende instantie die gedachten leest. En zoals Barber van de Pol terecht opmerkt in haar nawoord: opgeworpen vragen en theorieën worden zelden afgerond.


3

Net zoals zijn grote voorbeeld, Cervantes' Don Quixote, tintelt dit boek van de intertekstualiteit. Het spel dat de belezen Melville speelt, niet enkel met de bijbel van Achab en Ismaël, maar ook met de klassieken, met de tradities én de actualiteit van zijn eigen Amerikaanse cultuur, fascineert me danig. Al te veel van die toespelingen kan ik niet thuisbrengen. Op zo'n moment snak ik naar voetnoten: ik wil weten, ik wil meespelen in dit spel van anderhalve eeuw terug en de knipoog van de speelse schrijver opvangen.

4

Nu wil ik even vitten. Ik heb me een Athenaeum-klassieker aangeschaft uit de Perpetua-reeks, geen Rainbow-pocket. Alles klopt: verzorgde band, mooi papier, klassiek lettertype. De vertaling is gloednieuw. State of the art. Lezen in zo'n boek is een beetje als rijden in een Bentley - althans: dat stel ik me voor. Van een Bentley verwacht je niet dat de rechter ruitenwisser het begeeft na een paar honderd kilometer. Maar neem nu bladzijde 382 onderaan. 'Een mooi plekje,' riep Starbuck. 'Laat ik hem daar eens een prikje geven'. In de oorspronkelijke tekst: "A nice spot," cried Flask; "just let me prick him there once." De onstuimige Flask spreekt deze woorden uit, niet de wijze Starbuck. Hier worden woorden in de mond gelegd van een verkeerd hoofdpersonage. Hoe kan zo'n fout ontsnappen aan de aandacht van vertaler en redacteur(s)? Jammer genoeg hebben boeken geen waarborg op constructiefouten van dit allooi.


5

De illustraties hierboven en hieronder zijn van ene Rockwell Kent. Hij maakte ze voor Lakeside Press die in 1926 een jubileumeditie wou uitgeven van de toen 75 jaar oude roman. Pas in 1930 werd de driedelige editie gepubliceerd. Ik vond ze terug op de website van de Rockwell Kent Gallery van Plattsburg University (NY), die in 2005 de 75ste verjaardag van deze editie vierde met een tentoonstelling.





*Volgens Van Dale's Groot Woordenboek het 'zeil boven de bramsteng', deze laatste een 'rondhout, langs de voorkant van de marssteng gehesen om deze te verlengen'. Ik bespaar u de omschrijving van een marssteng.

2008-06-04

Kerkhof van Laken

.

Anderhalf uur heb ik hier op m'n eentje rondgekuierd, ontdekt, bewonderd. Engelen, treurende jonge vrouwen - de ene al aardser en bloter dan de andere - en telkens weer dat samengaan van steen, bronsgroen en natuur. De negentiende eeuw op zijn mooist. Het eerste wat ik zag, nog voor ik de ingang gevonden had, was een 'Denker' van Rodin, een van de zeven bestaande exemplaren naar blijkt. De uitgestrekte onderaardse grafgalerijen, nauwelijks verlicht en deels afgesloten, brachten de dood zintuiglijker nabij dan de pracht bovengronds. Een tijdje moest ik schuilen voor de gietende regen in een verwaarloosde familiekapel. Zonlicht op het natte groen zorgde achteraf voor wondermooie kleuren.


Voor de feiten verwijs ik naar de website van de vzw Epitaaf, die ijvert voor het behoud van al dat moois.
















.